Nieuwe asbestregels op komst: wat betekenen ze voor jouw bedrijf?
Naar verwachting verandert per 1 januari 2027 de regelgeving voor bedrijven die asbest verwijderen. Ook onderhouds-, dak- en gevelbedrijven kunnen ermee te maken krijgen. Wat verandert er en welke keuzes moet je maken?

Werkzaamheden aan een bestaand dak of een oude gevel kunnen onverwacht een asbestvraagstuk opleveren. Bedrijven die incidenteel asbest verwijderen, mogen dat onder voorwaarden nu soms zelf uitvoeren. Naar verwachting verandert dit vanaf 1 januari 2027. Er komt een vergunningstelsel voor bedrijven die sloop- of verwijderingswerkzaamheden met asbest uitvoeren. Ook medewerkers krijgen te maken met nieuwe opleidingseisen.
Waarom dit relevant is voor de gebouwschil
De nieuwe regelgeving richt zich niet uitsluitend op gespecialiseerde asbestsaneerders. Ook reguliere aannemers kunnen eronder vallen wanneer zij zelf asbest verwijderen.
Dat is relevant voor dakdekkers, gevelrenovatiebedrijven, voegbedrijven, isolatiebedrijven en onderhoudsbedrijven. Zij werken regelmatig aan bestaande gebouwen waarin nog asbesthoudende materialen kunnen voorkomen.
Denk bijvoorbeeld aan asbestcementplaten, dakleien, gevelpanelen, kitten, afdichtingsmaterialen of isolerende toepassingen. Of een materiaal werkelijk asbest bevat, kan meestal niet betrouwbaar met het blote oog worden vastgesteld.
De kernvraag voor ondernemers wordt daarom: verwijdert jouw bedrijf tijdens werkzaamheden zelf asbest, of laat je dat altijd door een andere partij uitvoeren?
Wat gaat er veranderen?
De veranderingen volgen uit de aangescherpte Europese Asbestrichtlijn. Deze verplicht lidstaten onder meer een vergunningstelsel in te voeren voor bedrijven die sloop- of asbestverwijderingswerkzaamheden uitvoeren. Nederland verwerkt dit in de Arbeidsomstandighedenwet, het Arbeidsomstandighedenbesluit en de Arbeidsomstandighedenregeling.
De regering streeft naar invoering per 1 januari 2027. Op de peildatum van dit artikel, 15 juli 2026, moet de Eerste Kamer het wetsvoorstel nog behandelen. Ook de wijzigingen van het Arbeidsomstandighedenbesluit en de Arbeidsomstandighedenregeling moeten nog definitief worden vastgesteld. De precieze regels kunnen daardoor nog wijzigen.
De voorgenomen regeling kent drie vergunningcategorieën:
- vergunning beperkt;
- vergunning basis;
- vergunning uitgebreid.
De benodigde vergunning hangt samen met het soort asbesttoepassing en het risico van de werkzaamheden. Voor de categorieën basis en uitgebreid is volgens de conceptregeling een procescertificaat nodig. Voor de beperkte vergunning wordt een lichter bewijs van naleving voorgesteld.
De uiteindelijke indeling van toepassingen over de drie categorieën wordt vastgelegd in de Arbeidsomstandighedenregeling. Zolang die regeling niet definitief is, kan een bedrijf nog niet met zekerheid bepalen welke vergunning voor een specifieke toepassing nodig wordt.
Ook opleidingseisen veranderen
Werknemers die asbest verwijderen, moeten straks een erkende opleiding hebben gevolgd. De vereiste opleiding sluit aan op de werkzaamheden die zij uitvoeren.
De conceptregeling maakt onder meer onderscheid tussen opleidingen voor beperkte, basis- en uitgebreide asbestverwijdering. Medewerkers moeten hun kennis daarna periodiek bijhouden. Opleidingsresultaten worden opgenomen in het Register gezond en veilig werken met asbest. Een bedrijf moet bij de vergunningaanvraag kunnen aantonen dat het personeel voldoende is opgeleid.
Dit betekent dat een vergunning niet alleen een administratieve aanvraag is. Een bedrijf moet ook beschikken over opgeleid personeel, passende werkmethoden en het voorgeschreven bewijs dat volgens de regels wordt gewerkt.
Wat verandert voor reguliere aannemers?
Onder de huidige regelgeving mogen bedrijven bepaalde asbestwerkzaamheden met een lage blootstelling soms uitvoeren zonder procescertificaat. Zij moeten daarbij uiteraard wel voldoen aan de geldende arbeidsomstandighedenregels.
Volgens de toelichting op het wetsvoorstel moeten ook deze bedrijven straks over een vergunning beschikken wanneer zij asbest blijven verwijderen. De regering noemt onderhoudsbedrijven expliciet als voorbeeld van ondernemingen die hier in hun dagelijkse praktijk mee te maken kunnen krijgen.
Voor een bedrijf in de gebouwschil ontstaat daardoor een keuze.
Je kunt ervoor kiezen om zelf asbest te blijven verwijderen. Dan moet je waarschijnlijk investeren in een vergunning, opleidingen, procedures en mogelijk certificering.
Je kunt ook besluiten alle asbestverwijdering uit te besteden aan een bedrijf met de juiste vergunning. Dat beperkt de eigen verplichtingen, maar vraagt wel om duidelijke afspraken in de offerte, planning en uitvoering.
Die keuze hangt af van het aantal projecten waarbij asbest voorkomt. Voor een bedrijf dat slechts enkele keren per jaar een kleine asbesttoepassing tegenkomt, kan uitbesteden logischer zijn. Een bedrijf dat dergelijke werkzaamheden regelmatig uitvoert, kan juist voordeel zien in een eigen vergunning.
Let op het verschil tussen aantreffen en verwijderen
Niet ieder bedrijf dat aan een gebouw met asbest werkt, heeft automatisch een asbestvergunning nodig. De vergunningplicht is gekoppeld aan het uitvoeren van sloop- of verwijderingswerkzaamheden met asbest.
Een dakdekker die naast een vergunde saneerder werkt, hoeft dus niet uitsluitend vanwege de aanwezigheid van asbest zelf een vergunning aan te vragen. Dat verandert wanneer zijn medewerkers het asbesthoudende materiaal zelf verwijderen.
Ook het bewerken van asbest verdient aandacht. Bewerken is bijvoorbeeld zagen, boren, breken of slijpen. Welke bewerkingen zijn toegestaan, staat los van de vergunningplicht. In beginsel is het bewerken van asbest verboden, tenzij een uitzondering geldt. De precieze regels hiervoor worden in een afzonderlijk traject herzien.
Gevolgen voor offertes en werkvoorbereiding
De nieuwe regels maken een goede voorbereiding nog relevanter. Bij werkzaamheden aan oudere gebouwen moet vóór de uitvoering duidelijk zijn of asbest aanwezig kan zijn en wie eventuele verwijdering uitvoert.
Leg in je offerte vast wat wel en niet onder de opdracht valt. Beschrijf wie verantwoordelijk is voor een vereiste asbestinventarisatie en wat er gebeurt wanneer tijdens het werk onverwacht verdacht materiaal wordt aangetroffen.
Neem ook de gevolgen voor de planning mee. Werkzaamheden kunnen stilvallen wanneer pas tijdens de uitvoering blijkt dat eerst een vergunde partij moet worden ingeschakeld. Dat leidt vaak tot vertraging, extra kosten en discussie over de verantwoordelijkheid.
Instrueer medewerkers daarom om bij een vermoeden van asbest niet zelf door te werken. Stop de werkzaamheden, zet het gebied af en laat vaststellen om welk materiaal het gaat. Zorg dat deze werkwijze bekend is bij uitvoerders, voormannen en onderaannemers.
Bereid de keuze nu al voor
Je hoeft nog niet direct een vergunning aan te vragen. De definitieve voorwaarden zijn immers nog niet vastgesteld.
Je kunt wel alvast onderzoeken hoe vaak jouw bedrijf zelf asbest verwijdert. Kijk daarbij niet alleen naar grote saneringen. Juist incidentele verwijdering van kleine toepassingen bepaalt of de nieuwe vergunningplicht jouw bedrijf raakt.
Bespreek vervolgens intern of je deze werkzaamheden wilt blijven uitvoeren. Maak daarbij een zakelijke afweging tussen omzet, kosten, opleidingen, administratieve lasten, aansprakelijkheid en invloed op de projectplanning.
Volg ten slotte de definitieve regelgeving. Vooral de indeling van asbesttoepassingen over de vergunningcategorieën en de overgangsregels bepalen hoeveel voorbereidingstijd bedrijven daadwerkelijk krijgen.
Conclusie
De nieuwe asbestregels kunnen rechtstreeks gevolgen hebben voor bedrijven in de gebouwschil die zelf asbest verwijderen. Dat geldt ook wanneer dit slechts incidenteel gebeurt.
De belangrijkste voorbereiding is nu nog geen vergunningaanvraag, maar een heldere bedrijfskeuze: wil je asbestverwijdering zelf blijven uitvoeren of structureel uitbesteden? Wie die keuze tijdig maakt, kan opleidingen, werkafspraken, offertes en samenwerkingen daarop aanpassen.
Wat betekent dit concreet voor jouw bedrijf?
- Breng in kaart bij welke werkzaamheden jouw medewerkers zelf asbest verwijderen.
- Bepaal voorlopig of je deze werkzaamheden na invoering wilt blijven uitvoeren of wilt uitbesteden.
- Controleer offertes en voorwaarden op afspraken over asbestinventarisatie, meerwerk, vertraging en stillegging.
- Maak een vaste stopprocedure voor onverwacht aangetroffen of verdacht materiaal.
- Volg de definitieve regels over vergunningcategorieën, opleidingen, certificering en overgangstermijnen.
Robert Frank Houbaer
Directeur Gebouwschil Nederland